Internationaal
Inhoud
UDAR
Nuttige links inzake de wetgeving m.b.t. het internationaal transport van honden,
katten en fretten
Nieuwe regels per 03-07-2004
Universele verklaring voor het welzijn van dieren
De vertalingen zijn overgenomen van de site van ActionAgainstPoisoning
Inleiding
In
aanmerking
nemend dat dieren
levende wezens zijn met gevoel en dientengevolge aandacht en respect verdienen.
In
aanmerking
nemend dat mensen
deze planeet delen met andere soorten en andere levensvormen en dat alle levensvormen
samenleven in een wederkerig afhankelijk ecosysteem.
In
aanmerking
nemend dat, ofschoon
er belangrijke sociale, economische en culturele verschillen tussen menselijke
gemeenschappen bestaan, elke zich dient te ontwikkelen op een humane en duurzame
wijze.
Onder erkenning dat vele staten reeds een systeem hebben van wettelijke bescherming van gedomesticeere en wilde dieren. Trachtend de werkzaamheid te verzekeren van deze systemen, en de ontwikkeling van betere en uitgebreidere voorzieningen voor het welzijn van dieren.
Verklaart de World Society for the protection of animals dat deze universele verklaring voor het welzijn van dieren dient als gemeenschappelijke standaard ten gebruik van alle volkeren en naties om met alle daartoe geschikte middelen er naar te streven deze beginselen te handhaven en door middel van vooruitstrevende maatregelen, zowel nationaal als internationaal, te verzekeren dat zij alom en met goed gevolg worden erkend en uitgevoerd.
Artikel 1:
Definities
a) dier betekent ieder niet-menselijk
zoogdier, vogel, reptiel, amfibie, vis of ongewervelde in staat tot gevoelens
van pijn en leed.
b) in
het wild levende dieren omvat elk dier dat niet door mensen is gedomesticeerd.
c) mens-afhankelijke dieren
heeft betrekking op elk dier, waarvan welzijn en overleven afhankelijk is
van menselijke zorg waaronder gezelschapsdieren; dieren gefokt voor het leveren
van voedsel, producten, trekkracht, diensten, wetenschappelijk onderzoek of
verstrooiing en wilde dieren in gevangenschap.
d) gezelschapsdieren omvat
de soorten die in het verband met plaatselijke gewoonte, van oudsher door
mensen zijn gehouden en voor dit doel, al dan niet systematisch zijn gefokt.
e) wreedheid
houdt in het nodeloos veroorzaken van pijn of leed, hetzij weloverwogen of
door verwaarlozing.
f) welzijn
is de mate waarin de lichamelijke, gedragsmatige of gevoelsmatige behoeften
van een dier worden bevredigd.
Artikel 2:
Grondbeginselen
a) Mensen hebben uitdrukkelijke
verplichtingen aangaande zorg en welzijn van dieren, die van hen afhankelijk
zijn.
b) Geen dier zal nodeloos
gedood worden door een mens of aan een wrede behandeling worden onderworpen.
c) Wreedheid ten opzichte
van dieren dient te worden beschouwd als een ernstig misdrijf, als zodanig
overal in wetgeving erkend en met voldoende straf strafbaar om de veroorzaker
te weerhouden van herhaling.
Artikel 3:
In het wild levende dieren
a) Waar het nodig wordt geacht
wilde dieren te vangen en te doden, en om biodiversiteit veilig te stellen,
dient het maximum aantal te nemen dieren aannemelijk te zijn en bepaald op
grond van wetenschappelijk beheer.
b) Waar het nodig wordt geacht
wilde dieren te vangen en te doden dient gebruik te worden gemaakt van gereedschap
en werkwijze die geen:
c) Het
vangen en doden van wilde dieren voor vertier of sport dient verboden te worden.
d) Om
het nakomen van bovenstaande bepalingen te verzekeren, dienen de noodzakelijke
maatregelen te worden genomen om de natuurlijke omgeving en het ecosysteem
te beschermen.
Artikel 4:
Mens-afhankelijke dieren
a) Dieren die onder toezicht
van mensen worden gefokt, gevangen of gehouden, hebben recht op de voorzieningen
van de fundamentele vijf vrijheden, zoals die in toenemende mate door dierenwelzijnsinstanties
zijn aanvaard:
b) Diergeneeskundigen en
andere gekwalificeerde personen dienen gemachtigd tot het op diervriendelijke
wijze doden van elk dier dat zodanig is verwond, ziek of verkommerd dat voortbestaan
het lijden slechts verlengt.
Artikel 5:
Dieren gefokt voor voedsel, producten en trekkracht
a) Waar het nodig wordt geacht
een dier te doden voor de levering van voedsel of producten, dient de toegepaste
werkwijze het dier onmiddellijk bewusteloos te maken voor pijn tot de dood
intreedt.
b) Het
slachten van een dier dient te worden uitgevoerd door een bekwaam en geoefend
persoon.
c) Dieren
in afwachting van de slacht dienen gelost, behandeld, gehuisvest, gevoed en
gedrenkt op een diervriendelijke manier.
d) Op
alle mogelijke manieren dient het vervoeren van dieren te worden beperkt.
Waar vervoer plaatsvindt dient het welzijn van de dieren in acht te worden
genomen.
e) De
slacht van dieren dient zo dicht mogelijk bij de verblijfplaats te geschieden.
f) Alle
noodzakelijke stappen dienen te worden genomen om zeker te stellen, dat dieren
die worden benut om trekkracht te leveren of andere werkzaamheden, recht hebben
op een beperking in de duur en de druk van het werk. Deze beperkingen dienen
te berusten op wetenschappelijk onderzoek.
Artikel
6: Gezelschapsdieren
a) Eigenaren van gezelschapsdieren
dienen de verantwoording te dragen voor zorg en welzijn gedurende het leven
van dit dier of voorzieningen te treffen voor overdracht aan een verantwoordelijke
persoon, indien zij daartoe zelf niet meer in staat zijn.
b) Gepaste maatregelen dienen
genomen te worden ter bevordering en invoering van neutralisatie van gezelschapsdieren.
c) De nodige stappen dienen
genomen te worden om een systeem tot registratie en identificatie van gezelschapsdieren
ingevoerd te krijgen.
d) De handel in gezelschapsdieren
dient aan strenge regels betreffende uitoefening en controle gebonden te zijn
ter voorkoming van wreedheid en het fokken van ongewenste dieren.
e) Diergeneeskundigen en
andere gekwalificeerde personen dienen gemachtigd tot het op diervriendelijke
wijzen doden van gezelschapsdieren, die verlaten zijn en niet weer gehuisvest
of verzorgd kunnen worden.
f) Het vernietigen van gezelschapsdieren
op dieronvriendelijke en ontoelaatbare wijze, zoals vergiftiging, afschot,
slaag, verdrinking en ophanging dient verboden.
Artikel 7:
Dieren in sport en vertier
a) Waar dieren worden gebruikt
in gewettigde sport en vertier dienen passende maatregelen genomen ter beteugeling
van het blootstaan aan wreedheid.
b) Tentoonstellingen en schouwspelen
met gebruikmaking van dieren welke nadelig zijn voor hun gezondheid en welzijn
dienen verboden.
Artikel 8:
Levende dieren in wetenschappelijk onderzoek
a) Gebruik van dieren in
wetenschappelijk onderzoek en beproeving dient alleen plaats te vinden voor
doeleinden van wezenlijk belang voor het welzijn van mens of dier als:
b) Wanneer gebruik van dieren
noodzakelijk wordt geacht voor onderzoek of beproeving dienen de gebruikte
werkwijzen zeker te stellen dat:
c) Alternatieven voor proeven
op levende dieren dienen waar mogelijk begunstigd en onderzocht.
d) Het
gebruik van dieren voor wetenschappelijk onderzoek en beproeving dient verboden
wanneer:
The text of the UNIVERSAL DECLARATION OF ANIMAL RIGHTS has been adopted from the International League of Animal Rights and Affiliated National Leagues in the course of an International Meeting on Animal Rights which took place in London from 21st to 23rd September 1977.
Informatie met betrekking tot het internationaal transport van honden, katten en fretten kunt u vinden op
Nederlands, klik hier
Duits, Klik hier
Engels, klik hier
Sinds
3 juli 2004, is er een nieuwe wetgeving van kracht die het reizen met uw hond,
kat of fret binnen de EU vergemakkelijkt, omdat de EU leden hun wetgeving
geharmoniseerd hebben. Dit betekent dat vanaf 03-07-2004 alle EU lidstaten
vrijwel identieke veterinaire eisen stellen aan huisdieren die met hun eigenaars
reizen.
(note webmaster)
Er zijn echter uitzondering (bijv. Groot Brittanië) dus informeer tijdig voor
aanvang van uw reis.
Honden,
katten en fretten uit EU lidstaten
Vanaf
03-07-2004 worden aan het niet commercieel vervoer van honden, katten
en fretten binnen de EU de volgende veterinaire eisen gesteld
Huisdieren
moeten in het bezit zijn van een elektrische transponder (microchip)
ingebracht net onder de huid, of een duidelijk leesbare tatoeage. Beide
worden aan/ingebracht door de dierenarts.
Honden,
katten en fretten moeten door een daar toe bevoegde dierenarts gevaccineerd
zijn tegen Rabiës en de dierenarts moet in het Europees Huisdieren paspoort
een verklaring ondertekenen dat het dier gevaccineerd is met een geldig vaccin.
Een
aanvullende bloedtest is vereist voor honden, katten en fretten die reizen
naar Engeland, Ierland, Malta en Zweden. Het bloedmonster moet afgenomen worden
door een daar toe bevoegde dierenarts en gecontroleerd door een daartoe bevoegd
laboratorium (voor GB en Ierland 6 maanden en voor Zweden 4-12 maanden na
de laatste enting)voor binnenkomst en de uitslag moet naar tevredenheid zijn.
Honden,
katten en fretten moeten in het bezit zijn van een Europees dierenpaspoort
voor reizen tussen de verschillende lidstaten. Het paspoort moet voorzien
zijn van de identificatie gegevens van het dier, de naam en het adres van
de eigenaar, en het bewijs dat het dier in bezit is van een geldige Rabiës
enting.
In
Nederland, zijn de papoorten uitgegeven door de Koninklijke
Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde
Full Service Bureau Dierenasielen Nederland, Vereniging van Beroepsmatige
Kennelhouders en Stichting Chip,
goedgekeurd door Het ministerie van LNV. Huisdiereigenaren kunnen bij hun
dierenarts een paspoort verkrijgen in de Nederlandse taal.
Honden, katten en fretten
uit niet EU lidstaten
Vanaf
03-07-2004 gelden de volgende regels voor het transport van huisdieren die
de EU binnenkomen van uit niet EU landen (m.u.v. Engeland, Ierland, Malta
en Zweden).
De dieren moeten in bezit
zijn van een microchip of duidelijk leesbare tatoeage ten einde hen te kunnen identificeren
Honden, katten en fretten
dienen gevaccineerd te zijn tegen Rabiës
Honden, katten en fretten
die de EU binnen komen moeten in bezit zijn van een standaard certificaat
dat de identificatie gegevens van het dier bevat, de naam en het adres van
de eigenaar en waarin verklaard wordt dat het dier is ingeënt tegen Rabiës.
Dieren die de EU binnen
komen moeten een bloedtest ondergaan hebben als bewijs dat het dier gevaccineerd
is tegen Rabiës
©Stichting
ActieZwerfhonden 2003-2007